Trees Janssens


Statenlid en frac­tie­voor­zitter

16-11-2020

Eind 2002 hoorde ik op het NOS Journaal dat er een Partij voor de Dieren was opgericht. Was het ludiek of kon het echt wat worden? Het maakte mij niet uit, ik werd meteen lid. Het was de eerste partij die voor mijn gevoel echt ergens over ging. Tot dat moment ging mijn interesse in de politiek niet verder dan de gang naar de stembus. Het was niet eerder bij mij opgekomen dat een politieke partij iets was om lid van te worden of actief in te worden, maar voor de dieren wilde ik het wel doen.

Toen de uitnodiging voor het eerste partijcongres op de mat viel bleek dat er nog vijf mensen in Zeeland lid geworden waren, en samen gingen we naar het eerste partijcongres. Al snel ontstond er een actieve werkgroep, het zou echter nog 17 jaar duren voor we ook in Zeeland een zetel bemachtigden. De partij is volwassen maar staat in Zeeland nog in de kinderschoenen.

We staan aan de vooravond van nieuwe Tweede Kamerverkiezingen en zojuist heeft Esther Ouwehand ons PLAN B gepresenteerd. Geactualiseerd maar niet nieuw. We zijn minder veranderd dan de wereld om ons heen. Wat in 2002 gold als ideaalbeeld voor een betere wereld geldt nog steeds, we zijn alleen wat verder achterop geraakt. De realiteit van de al sinds de jaren 70 voorspelde vervuiling van lucht, water en bodem is hier en nu. De realiteit van een uitbraak van zo├Ânosen ook. Er gloort hoop, andere partijen beginnen het ook te zien. Gaat het snel genoeg om het tij nog te keren? Tijd zal het leren, maar niets doen is geen optie. De dieren zijn meer dan ooit het slachtoffer, zij verdienen onze stem.